De regen klettert op de ramen en het dak van de auto, wanneer ik enigszins gefrustreerd de snelweg opdraai. Kort daarvoor liep ik nog in het donker, in de stromende regen, met twee in pyjama gestoken peuters, terwijl de oudste tot twee keer toe languit in een plas viel. Ik voelde me verre van blij.

Inmiddels zit ik in de auto en wordt de kleine ruimte gevuld met warme lucht. In mijn achteruitkijkspiegel kijk ik naar mijn slapende rijkdommen. De radio speelt ‘I will survive’ van Gloria Gaynor en terwijl de tranen over mijn wangen glijden, voel ik tegelijkertijd een golf van liefde en kracht door mijn lichaam gaan. Het neemt bezit van mijn hart en verdrijft de frustratie en het gevoel van verdriet. Ik ben vervuld van onvoorwaardelijke liefde en dankbaarheid.

Terugdenkend aan dat ultieme moment van geluk vraag ik mezelf af waarom we die onvoorwaardelijke liefde eigenlijk zo weinig voor onszelf voelen. Waarom leggen we de lat altijd zo hoog? Zo hoog dat de teleurstelling het vaak wint van de trots en het vergelijken met een ander soms belangrijker is dan het hoofdstuk waar we zelf in staan?

Liefde voor jezelf voelen is topsport, maar helaas laten we te vaak de ander winnen. We strijden om te voldoen aan de regels van het leven, om te voldoen aan wat een ander belangrijk vindt, en als dit niet aan de orde is, vechten we wel weer tegen ons eigen oordeel. Eerst zorgen voor een ander, omdat we dat zo geleerd hebben, of omdat we denken dat het zo hoort. Terwijl onvoorwaardelijke liefde voor jezelf heel goed samen kan gaan met de liefde voor een ander. Hand in hand naast elkaar. Zolang je maar beseft dat het bekende zuurstofmasker eerst bij jezelf moet worden opgezet.

Liefde voor jezelf heeft niets te maken met egoïstisch zijn of een ander tekort doen. Het geeft je de kracht om iedere dag opnieuw voor het juiste te kunnen kiezen. Als we op de weg van liefde te lang op de rechter baan blijven om anderen voor te laten gaan, zullen we zelf uiteindelijk altijd eindigen op de vluchtstrook. Met pech, panne en ongemakken in lichaam en geest. Met heel veel doorzettingsvermogen en op ons tandvlees lukt het vaak wel weer om de motor zelf aan de praat te krijgen, maar voor hoe lang? En hoe lang duurt het dan voor we hulpdiensten nodig hebben om weer ‘rijdend’ deel te nemen aan het verkeer?

Liefde voor jezelf is de basisbrandstof van het leven. Zorg daarom dat je zelf aan het stuur zit, dat je tank gevuld is en dat je de route kiest die bij jou past. Want pas dan ben je instaat om je dierbaren als passagiers mee te nemen. Dus… gordels om en rijden maar! Op je eigen weg.